Ineens wordt alom ‘de woningbouw’ weer van stal gehaald. De landelijke verkiezingen komen eraan. Menig partij citeert en eigent zich de uitspraak toe van de Amsterdamse wethouder van weleer, met een ongekende schaamteloosheid en simplisme die niet past bij bestuurders maar wel bij de campagne vrees ik.

Eerder geplaatst op Raadsledennieuws Natuurlijk ben ik enthousiast. Over ons landelijk programma, over de landelijke strijd en natuurlijk over de discussies in zalen, straten en op iedere hoek. Ineens ben je niet meer de lokale maar de vertegenwoordiger van de landelijke. Zware dilemma’s, wereldproblemen en huiveringwekkend leed. Het wordt met je gedeeld, het wordt medegedeeld en het wordt soms mede gedeeld. Over taallessen vanaf dag 1, over de eigen bijdrage voor chronisch zieken, over de taxi die niet vergoed wordt vanwege het eigen huis, en waar men wel vanaf wil maar ‘er is hier niks kleins te koop of te huur’ en over werk en banen en een zekere leeftijd. En zo lopen landelijke problemen en lokale zaken moeiteloos door elkaar, nodig je mensen uit om te gaan stemmen, vooral te gaan stemmen en loopt ondertussen je to-do-list met het grootste gemak verder vol. Dat is handig voor als je straks weer die lokale vertegenwoordiger bent. Keer op keer blijkt daarbij dat ‘het gesprek’, op straat, al na een paar minuten, bij de toevallige gesprekspartners de behoefte aan een tafel, een paar stoelen en wat beter voorjaarsweer doet groeien en toon en inhoud van waaierend naar focus en van tegengesteld naar ontmoetend gaat klinken. Zo ebt de strijd van het toneel en worden de verkiezingen een geweldige manier om met elkaar …

Het Gesprek Read more »